Louis Quinze Marqueterie commode

Theo Daatselaar Antiquairs

Louis Quinze Marqueterie commode

Periode: Circa 1770
Materiaal: Eiken belijmd met amarant, rozenhout, pruimenhout, violethout en sycamore met een Rance marmeren blad
Afmetingen: Hoogte 81.00 cm x Breedte 83.00 cm x Diepte 46.00 cm Signatuur: Gesigneerd 'JG' voor het Amsterdamse St-Josephsgilde
Literatuur: Th. H. Lunsigh Scheurleer, ‘Het Amsterdamsche St. Josefsgilde in het bijzonder met betrekking tot de meubelmakers’, Historia Vol. 8 (1942), pp. 33-45. Provenance: Auction Mak van Waay, Amsterdam 1972, lot no. 3400 Staal Antiquairs Amsterdam 1972 Private collection The Netherlands 1972-2006

Het meubel is opgebouwd uit eikenhout en belijmd met amarant, rozenhout, pruimenhout, violethout en sycamore. Onder het Rance marmeren blad bevinden zich twee gebogen laden ‘sans travers’, voorzien van vergulde bronzen slotplaten en ingelegd met een marqueterie voorstellende een boeket bloemen bijeengehouden door een strik. De gewelfde zijden zijn gefineerd in de vorm van een ruit en de hoeken van de commode zijn voorzien van verguld bronzen chutes. Het geheel rust op gebogen sabelpoten eindigend in verguld bronzen sabots. Op de bovenzijde van het meubel, onder de marmeren plaat is het meubel gebrand met het SG-merk het Amsterdamse St-Josephsgilde.

De populariteit van uit Frankrijk geïmporteerde meubelen werd door het Amsterdamse meubelmakergilde als een grote bedreiging ervaren, zodat er strenge verbodsbepalingen werden uitgevaardigd in 1741, 1770 en nog eens op 29 januari 1771 toen werd bepaald dat het verboden was om in Amsterdam buitenlandse meubels te verkopen. Een overgangsperiode van drie maanden werd ingesteld om handelaren de kans te geven hun aanwezige voorraad te verkopen. Het was dan echter wel verplicht het SG-merk van het St-Josephsgilde in te branden. De meeste meubels met het SG- merk zijn dan ook Frans. Er is echter een klein aantal Nederlandse meubels.

 Louis Quinze Marqueterie commode 
« Back to member